
Column Mick Boskamp: Oh ja, Ohana!
· leestijd 1 minuut Columns Floor ThomasseHet is maandag rond de klok van half zes in de namiddag. Het regent niet, het hoost. Maar bij beachclub Ohana, op de plek waar ooit Bad-Zuid stond, schijnt de zon.
Figuurlijk dan. De sfeer is hier zo goed, zo heerlijk laidback, wist ik van mijn eerste bezoek afgelopen zaterdag, dat een bijzonder experiment vorm kreeg. De woorden die je nu leest, worden op deze plek geschreven, om precies te zijn: aan de grote tafel rechts van de ingang.
Het waarom hiervan heeft ook te maken met de mede-eigenaar en bedrijfsleider van Ohana die - eveneens achter een laptop - schuin tegenover me zit.
Deze 46-jarige Tijn Akersloot is de zoon van de 83-jarige Tijn Akersloot. Met betrekking tot laatstgenoemde hebben we het over niemand minder dan de strandpachter der strandpachters, de levende legende van eb en vloed. Als ik aan de oude, nog jong ogende Tijn denk, dan kan het niet anders of ik ga in gedachten terug naar eind jaren tachtig, toen ik artikelen voor Playboy bedacht en vaak ook schreef in zijn strandtent. Het waren de jaren van topless zonnen, versieren, flaneren en flyers voor de eerste Amsterdamse housefeesten, die daar werden uitgedeeld (zonder kwam je er niet in). Tijn was hip & happening, een volstrekt unieke, sexy place to be & to be seen.
Daar en toen schreef ik zelfs een kort gedicht als lofzang op Tijn:
Hout op hout knalt
Als de laatste ligstoel valt
What a bummer
The dead of summer
Zelfkritiek vond ik toen nog overbodig.
Toen de éminence gris van de Zandvoortse kust me via app uitnodigde om zaterdag bij Ohana te komen kijken naar een optreden van een Amerikaans funktrio, moest ik wel ‘ja’ zeggen.
Daar kreeg ik geen spijt van. Boukou Groove uit New Orleans, met een geweldige toetsenist/zanger plus een strak spelende drummer en gitarist, liet het genre lui swingende muziek horen dat je aan het strand zou wensen en dat hier ook helemaal paste. Tijdloze muziek voor een tijdloze strandtent met als concept geen concept.
Het is opgehouden met regenen en ik vraag aan de jonge Tijn wat hij zo leuk vindt aan het in de voetsporen treden van zijn vader. Terwijl een perfect ogende hamburger wordt uitgeserveerd aan een tafeltje verderop, zegt hij: “Ik vind het leuk om met jonge mensen te werken. Wat je hier leert, is een basis voor de rest van je leven. Je leert hier hard pezen. En met mensen omgaan. Dat krijg ik ook vaak terug. Van mijn personeel zelf en van ouders.”
Zijn vader had 35 jaar geleden precies hetzelfde kunnen zeggen. De zon begint door te breken. Letterlijk dit keer. Uitstekende timing om de laatste punt te tikken.







