
Open brief van de dominee over de dorpskerk
· leestijd 3 minuten ActueelNaar aanleiding van twee recente artikelen in de Zandvoortse Courant met mogelijke toekomstscenario’s van de Protestantse kerk aan het Kerkplein, heeft dominee John Vrijhof een open brief gestuurd naar de redactie. In zijn schrijven geeft hij aan hoe het kerkbestuur nadenkt over hoe de Dorpskerk een plek kan zijn voor heel Zandvoort. Hieronder leest u integraal de brief van de dominee:
Die Dorpskerk: Niet zomaar een gebouw, maar een ruimte voor iedereen!
Je kent het vast wel: mensen praten over je, en dat is vaak beter dan wanneer ze stil zijn. Dat geldt ook voor onze Dorpskerk. Er zijn wat artikeltjes verschenen in deze krant, en daar zijn we blij mee. Toch missen wij het uiteenzetten van de visie en dat doen we bij deze.
Wat een beetje verwarrend was in eerdere stukjes, is dat ons idee werd neergezet als een soort ‘reddingsplan’ en dat er gesproken werd over de werktitel van een onderzoeksbureau. Terwijl onze echte vraag is: hoe kunnen we als kerk een fijne plek zijn in Zandvoort, de meest niet-religieuze plek van Nederland? Zelfs in Amsterdam zijn ze vijf keer zo religieus als hier! Als we nu niets doen, verandert onze kerk misschien wel in privébezit, net zoals je dat op andere plaatsen ziet gebeuren.
Wat is een ‘Meent’?
Het woord ‘gemeente’ is soms een beetje lastig sinds Napoleon. Dankzij hem hebben we nu een duidelijke scheiding tussen kerk en staat. Ook de kerk in Zandvoort werd opgesplitst: de klok en de toren zijn van de burgerlijke gemeente (de gemeente zoals wij die kennen), en de rest is van de kerk – van de kerkgemeente.
Maar het deel van ‘kerkgemeente’ werd steeds minder een ‘meent’. Een meent is van oudsher een plek die voor iedereen toegankelijk is. De ‘meenten’ van de kerk werden helaas steeds meer heilige plekken voor alleen de mensen die bij die kerk hoorden.
Gelukkig voelt onze kerkgemeente in Zandvoort het nog wel als een ‘meent’. De naam is dan ook heel natuurlijk veranderd in Dorpskerk. Maar wat betekent die naam precies? Hoe kun je een Dorpskerk / meent zijn die niemand uitsluit?
Hebben en Zijn: Het grote idee
Sinds de dominee hier is, denken we veel na over ‘hebben’, ‘zijn’ en ‘Zijn’. En dat nadenken over ‘zijn’ is niet alleen iets voor gelovige mensen, maar voor iedereen die nadenkt over het leven.
Binnen onze geloofsgemeenschap hebben we goed nagedacht over het ‘hebben’ van een dorpskerk (het gebouw) en het ‘zijn’ van een dorpskerk (wat we betekenen voor het dorp). De conclusie was duidelijk: als je echt een dorpskerk wilt zijn, moet het anders. Je moet verbinding zoeken met het dorp en dienstbaar zijn. Dat begon met luisteren naar wat er leeft.
Ik zal jullie alle details van die gesprekken besparen en meteen doorgaan naar het plan dat nu bij de gemeente ligt:
Het Plan: Een open en levendige Dorpskerk
- De voortuin wordt een mooi, groen en uitnodigend terras. Een plek voor ontmoeting en een verrijking van het kerkplein.
- Dit terras wordt verbonden met de kerkzaal. Dit doen we door twee ramen in de kerkzaal te veranderen in glazen deuren.
- De noordelijke vleugel (aan de kant van het plein) wordt de nieuwe hoofdingang met een hal en toiletten (en daarboven kleinere zalen).
- De kerkzaal zelf blijft zoveel mogelijk behouden als een ‘meent’. Een meent is een ruimte, geen eigen ‘plek’. De kerkelijke gemeente wil ruimte bieden in haar zaal, maar wil niet dat het een ‘plek’ wordt: ruimte voor van alles en nog wat.
Gaat het in die ruimte om commercie / het ‘hebben’? Dan willen we er iets voor terugkrijgen. Maar gaat het om ‘zijn’? Dan hoeft het zelfs niet kostendekkend te zijn. De begrippen ‘hebben’ en ‘zijn’ lopen een beetje in elkaar over, en daar filosoferen we nog over.
Kosten: Hoe houden we de Dorpskerk in stand?
Het onderhoud van de Dorpskerk, een monument, kost veel geld. Hoe schenk je nu een ‘meent’ aan het dorp zonder dat je een kostenpost geeft? We hebben nu nog geld voor onderhoud, maar misschien niet over 20 jaar. En modernisering is ook hard nodig!
We willen dit financieren door de ruimtes rondom de kerkzaal te verhuren. Denk aan een soort ‘begijnhofje’ rondom het kerkgebouw, met huisjes zalen en die verhuurd kunnen worden. Ook het ‘jeugdhuis’ is en blijft beschikbaar voor de verhuur. De opbrengsten van al deze verhuur tezamen met het nieuwe terras zouden genoeg moeten zijn om het monument voor lange tijd te onderhouden en bij de tijd te brengen en houden.
De kerkelijke gemeente heeft besloten hier flink in te investeren – zelfs ten koste van haar eigen toekomst – om zo een open ruimte, een ‘meent’, cadeau te doen aan het dorp. Onze keuze was: ofwel de komende 20 jaar op de oude voet verdergaan, ofwel echt een ‘ge-meent-e’ zijn. Het idee is: wie ruimte geeft, krijgt ook ruimte. Ruimte is geen plek, ‘hebben’ maar ‘zijn’.
Deze visie is niet altijd makkelijk te begrijpen. Veel mensen die bij ons komen, zoeken een ‘plek om te hebben’. We gaan graag met ze in gesprek, in de hoop dat we elkaar kunnen vinden. We hebben immers wel plek rondom de meent, en we hebben ook inkomsten nodig, maar dat alles is om een echte meent te zijn voor iedereen.
Tenslotte: Samenwerken aan de toekomst
We zoeken ook partners die ‘het zijn’ (en misschien ook ‘het Zijn’) belangrijker vinden dan ‘de heb’. Dit kunnen mensen zijn die al genoeg hebben, of die onze idealen voor het dorp delen. We nodigen hen van harte uit voor een gesprek!
Wat je hier hebt gelezen, is nog geen werkelijkheid, maar een plan. Er is nog volop ruimte om mee te denken over het terras, de ‘meent’, het ‘begijnhof’ en ‘last but not least’ de ANBI-stichting die dit alles moet realiseren. We zoeken nog naar invulling en bondgenoten!
Namens de kerkenraad van de Dorpskerk
Ds John Vrijhof







